Ons land telde in 2025 nog 49.000 land- en tuinbouwbedrijven. Dat waren er bijna de helft minder dan in 2000, toen er in Nederland nog 97.400 agrarisch bedrijven waren. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Compendium voor de Leefomgeving (CLO).
De gemiddelde economische omvang van de bedrijven – gemeten als standaardopbrengst – stijgt daarentegen gestaag. In 2000 bedroeg de gemiddelde standaardopbrengst van een land- en tuinbouwbedrijf 194.000 euro. In 2025 was dat 542.000 euro, wat bijna een verdrievoudiging is.
In 2000 hadden land- en tuinbouwbedrijven gemiddeld 20 hectare cultuurgrond. In 2025 was dat gemiddelde 37 hectare; een stijging van 80%.
Weinig kleine bedrijven in Flevoland, veel grote bedrijven in Zuid-Holland
De verdeling van de economische omvang van alle bedrijven per provincie laat twee opvallende verschillen zien. In de provincie Flevoland komen relatief weinig kleine bedrijven (minder dan 25.000 euro Standaardopbrengst*) voor. In de provincies Zuid-Holland, Friesland en Flevoland komen relatief veel grote bedrijven (500.000 Standaardopbrengst en meer) voor. In Zuid-Holland gaat het dan vooral om glastuinbouwbedrijven.
Bedrijven met veel landbouwgrond vooral in het noorden
Bedrijven met minimaal 30 hectare landbouwgrond komen relatief veel voor in de noordelijke provincies Groningen (69 procent), Friesland (66 procent), Flevoland (64 procent) en in de provincie Drenthe (58 procent) en Zeeland (51 procent).
In Zuid-Holland is ruim een derde (35 procent) van de bedrijven kleiner dan 5 hectare. Een deel van deze bedrijven bestaat uit glastuinbouwbedrijven, die met relatief weinig cultuurgrond toe kunnen. Bedrijven met minder dan 5 hectare cultuurgrond komen weinig voor in Flevoland (6 procent), Groningen (8 procent) en Friesland (9 procent). Deze provincies kennen dan ook weinig glastuinbouw.
Meer informatie vindt u hier.
*De Standaardopbrengst (SO)-norm is een gestandaardiseerde opbrengst per ha of per dier die met het gewas of de diercategorie gemiddeld op jaarbasis wordt behaald.
Bron: Compendium voor de Leefomgeving

