Het aantal oorwormen neemt toe. In 2012 en 2013 zijn op drie bedrijven in het Kromme Rijn gebied, de wormen geteld. Op twee bedrijven lag echter het aantal oorwormen laag, maar op het derde bedrijf telden de onderzoekers vorig jaar wel beduidend meer oorwormen dan in 2012. Daarnaast kwamen ze vorig jaar in meer valletjes voor, zelfs bij percelen met een laag aantal oorwormen.

Op één van de twee bedrijven met weinig oorwormen lijkt het aantal oorwormen na één jaar in het innovatieve systeem hoger te zijn dan via het gangbare systeem. In 38 procent van de vallen zaten oorwormen (1,5 oorworm per val), terwijl in het gangbare systeem slechts 0,1 oorworm per val voorkwam en maar 9 procent van de vallen oorwormen had. In 2012 werd bij dit bedrijf in beide systemen geen enkele oorworm gevonden. De komende jaren moet blijken of dit een effect van de behandeling is of dat het toeval betreft.

In het project Duurzaam Bodembeheer Peer test men een nieuw systeem waarmee er voldoende oorwormen zouden moeten zijn. De aanwezigheid van oorwormen wordt in dit systeem bevorderd door aanpassing van het middelengebruik en door kunstmest gedeeltelijk te vervangen door organische mest en een precisie bladbemesting. Naast een optimale voeding voor de peer, worden ook bodemeigenschappen zoals de waterdoorlatendheid en het bodemleven hierdoor beïnvloed. Door een betere waterdoorlatendheid kan de overleving van oorwormen en hun eitjes in de winter hoger zijn.

Dit onderzoek wordt mede gefinancierd door de Europese Commissie.

Dit bericht is geplaatst op maandag 6 januari 2014 - 09:39