De NFO maakt zich grote zorgen over de beschikbaarheid van gewasbeschermingsmiddelen in de komende jaren. Als het huidige toelatingsbeleid doorgaat, ontstaat op korte termijn een onwerkbare situatie. De sector is dan niet meer in staat om kwalitatief goed fruit te produceren met alle consequenties van dien.

De in Europa tot onwerkbare hoogte opgeschroefde toelatingseisen zijn de hoofdoorzaak. Daarnaast speelt dat binnen de EU nog steeds de mogelijkheid bestaat dat de lidstaten een eigen interpretatie geven aan de EU-criteria. Bovendien vindt de herbeoordeling en toelating van middelen niet gelijktijdig plaats. Binnen de EU is geen sprake van een gelijk speelveld. Zo heeft de NFO diverse voorbeelden van middelen die in Nederland niet worden toegelaten of van een middel waarvan de toelating wordt ingetrokken terwijl dat in de andere lidstaten (nog) niet het geval is. Recente voorbeelden zijn de  aangekondigde intrekking van de toelating van Vertimec Gold per 2015, de onwerkbare beperkingen van Pirimor en het feit dat Tracer geen reguliere toelating krijgt.

De NFO wil dat men zowel op nationaal als internationaal niveau de handen ineen slaat om te komen tot een aanpassing van het toelatingsbeleid. De fruitteeltsector heeft de afgelopen decennia constant gewerkt aan het verduurzamen en veiliger maken van de gewasbescherming; eenieder nam hierin zijn verantwoording en wil deze weg blijven volgen. De sector wil dit nadrukkelijk uitdragen en presenteerde onlangs het Gewasbeschermingsplan Schoner, Groener, Beter. In dit plan presenteren de verschillende plantsectoren, onder coördinatie van LTO, hoe ze de gewasbescherming de komende jaren verder willen verduurzamen. De NFO vindt het niet meer dan terecht dat de sector dan wel uitzicht moet hebben op een effectief gewasbeschermingsmiddelenpakket om kwaliteit te kunnen telen en op een eerlijke manier te kunnen werken aan haar concurrentiepositie.

Dit bericht is geplaatst op vrijdag 13 maart 2015 - 13:53