Afgelopen donderdagmiddag 22 maart 2018 zijn toch de eerste rijpe ascosporen waargenomen in Randwijk. Voor dit jaar leek het aanvankelijk op een “vroeg” jaar uit te lopen, maar door de invallende vorstperiode zo rond begin tot half maart was de rijping en vorming van ascosporen volledig stil gevallen. Zie onderstaande tabel voor het overzicht van afgelopen jaren wanneer de eerste ascosporen werden gevonden.

Jaar Datum eerste ascosporen
2018 22 maart
2017 15 maart
2016 18 maart
2015 19 maart
2014 4 maart
2013 27 maart

Het volgen van de rijping van de ascosporen van de schimmel appelschurft is een jaarlijkse activiteit van Wageningen University & Research. Rijpe ascosporen van schurft worden van het voorjaar vanuit het in de herfst gevallen blad ‘weggeschoten’. Als ze landen op de jonge uitlopende bladeren, infecteren deze sporen het blad. Het vinden van de eerste rijpe ascosporen geeft de start aan voor de berekeningen van de waarschuwingsmodellen. Deze modellen berekenen op basis van weergegevens het risico voor aantasting door schurft. De eerste bespuitingen zijn aangebroken als zowel de ascosporen rijp zijn en er groene delen beschikbaar zijn.

De ontwikkeling van de ascosporen van schurft wordt nauwlettend gevolgd door vanaf begin februari wekelijks vruchtlichamen van schurft op (onbehandelde) bladeren te beoordelen onder de microscoop. Als de ascosporen duidelijker zichtbaar worden in de vruchtlichamen dan wordt begonnen met het testen of ze rijp zijn. Dit wordt gedaan door onbehandeld blad buiten te leggen op een plankje (zie foto), afgedekt door een dekglaasje. Vervolgens wordt het plankje met blad en dekglaasje binnengehaald en indien nodig bevochtigd. Als de ascosporen rijp zijn, gebruiken ze het vocht om weggeschoten te worden tegen het dekglaasje, anders blijven ze in het vruchtlichaam. Als er een aantal uitgestoten ascosporen zijn gevonden dan wordt de melding van rijpe ascosporen gedaan aan de voorlichtingsbedrijven en belanghebbenden en volgt een waarschuwing richting de telers.

Bericht afkomstig van: Ron Anbergen en Peter Frans de Jong

Dit bericht is geplaatst op vrijdag 23 maart 2018 - 10:02