‘Draai het systeem om om gewasbeschermingsdoelen te halen’

25 juni 2026

Het meten van het effect op de natuur en het halen van milieudoelen zouden doorslaggevend moeten zijn bij te maken keuzes op het gebied van gewasbescherming. Dat is een andere benadering dan de huidige aanpak, waarbij vooral wordt gestuurd op het telen volgens bepaalde richtlijnen en waar de regels en normen centraal staan. Duurzaamheidsstrateeg Hans Blonk presenteerde deze aanpak om te komen tot een verantwoord middelengebruik tijdens het werkcongres dat Foodog op donderdag 18 juni jongstleden organiseerde Daarbij stond het thema ‘Van spuitbeleid naar verantwoord telen – de weg naar milieuzorg’ centraal.

Dat er sprake is van een vertrouwensbreuk bleek wel tijdens de pitches die werden gehouden tijdens het eerste deel van het congres. Alle partijen willen een lagere milieubelasting, vertrouwen herstellen, voedselzekerheid borgen en de landbouw overeind houden. Maar niet iedereen kijkt op dezelfde manier naar de uitdaging om dat doel te bereiken. 

Aan het woord kwamen: Helma Verberkt van Artemis, appel- en perenteler Pieter Vernooij uit Vleuten en Randwijk, Louise Vet van Deltaplan Biodiversiteit en Urgenda, Jelmer Buijs van Pesticide Action Network (PAN), José van Bijsterveld van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), Brigitta Hogenes van Albert Heijn en Christy van Beek van Bayer.

Genoeg is genoeg

“Ik stond voor een volle zaal met personen van allerlei organisaties”, blikt hardfruitteler Pieter Vernooij terug. “Er wordt heel veel over ons als fruittelers gesproken – en beslist – en onvoldoende mét ons.”

Vernooij ging in zijn pitch in op de complexiteit van gewasbescherming en op de ontwikkeling die de fruitteeltsector sinds eind jaren tachtig heeft doorgemaakt. Hierbij passeerden onder meer zaken als geïntegreerde teelt, bodembeheer, beslissingsondersteunende systemen en continue scholing de revue. “Ik heb benadrukt dat we al een enorme reductie van de inzet van gewasbescherming hebben weten te realiseren.  Indien we appels en peren willen kunnen blijven produceren – die betaalbaar zijn voor een groot deel van de bevolking en waarbij sprake is van een gezond verdienmodel voor de ondernemer – zullen we nu en in de toekomst niet zonder chemische middelen kunnen in een geïntegreerd teeltsysteem. De teelt staat onder druk; ik heb benadrukt dat genoeg ook echt genoeg is. Daarbij stelde ik ook de vraag of we nog wel appels en peren uit Nederland willen.”

Volgens de teler sloot Brigitta Hogenes van Albert Heijn hierbij aan in haar presentatie, door aan te geven dat de retailketen inzet op ‘haalbaar voor de teler en betaalbaar voor de consument’.

De discussie naar aanleiding van de pitches maakte duidelijk dat gewasbescherming niet alleen gaat over middelen, dosering, drift of toelating. Het draait zelfs vooral om vertrouwen, erkenning, meetbaarheid en de vraag wie bepaalt wat veilig, nodig en acceptabel is.

Nieuw systeem

Het voorstel van Hans Blonk stond centraal tijdens het tweede deel van het congres Het systeem dat hij presenteerde stuurt op het halen van de milieudoelen. “Biologisch mag goed heten als het aan een norm van werken voldoet, maar haalt het daarmee de doelen die we als samenleving hebben op het gebied van milieu en natuur? Daar stuurt het normensysteem niet op. Datzelfde geldt uiteraard voor gangbare, geïntegreerde, natuurinclusieve of regeneratieve teelten. Ze houden zich aan wetten en normen waaraan hun praktijk moet voldoen. Maar daar houdt het mee op. In welke mate ze het milieu dienen wordt niet gemeten, laat staan beoordeeld. We gaan er vanuit dat voldoen aan een praktijk van werken resultaat oplevert”, aldus Blonk.

Hij pleit ervoor om de verschillende systemen samen te brengen en onder te brengen in één systeem dat bepaalt aan welke kritische factoren voldaan moet zijn om kritische milieudoelen daadwerkelijk te realiseren.

Het laten landen van die gedachte kostte even. Blonk hoopt dat partijen hun stammenstrijd en wantrouwen achter zich kunnen laten. Niet door elkaar te overtuigen van het gelijk van hun eigen normen, maar door samen vast te leggen welke kritische milieudoelen gerealiseerd moeten worden en één manier van meten te definiëren.

Pieter Vernooij bracht hierbij in dat vanuit zijn bedrijf en het overgrote deel van de Nederlandse fruitteelt al meerdere decennia wordt gewerkt met verschillende zorgsystemen.

“Dit moeten we uitdragen, we moeten ons verhaal vertellen. En dit onderbouwen met geboekte resultaten op basis van (eigen) data en aangeven wat we nodig hebben om verder te ontwikkelen.”

Bron: Foodlog.nl + eigen nieuwsgaring