Beleving was een veelgebruikt woord tijdens de eerste Netwerkbijeenkomst voor Boerderijwinkels in de fruitteelt. Als je als boerderijwinkel wilt renderen moet je niet de prijsconcurrentie aangaan met de supermarkten, maar zul je kwaliteitsproducten en ook veel beleving moeten bieden”, was de strekking van de ervaringen van bijna alle deelnemers. Woensdag 11 januari organiseerde Wouter van Teeffelen een eerste activiteit als WTE Support. Als bedrijfsadviseur richt hij zich naast WTE Fruitadvies tegenwoordig met WTE Support ook op boerderijwinkels en andere agrarische directvermarkters.

De 10 deelnemers (allen met fruitbedrijf en boerderijwinkel) bezochten in West-Brabant twee boerderijwinkels: ‘Streekwinkel Roks’ in Fijnaart en ‘Boer, winkel van het land’ in Roosendaal. In het avondprogramma stond beleving centraal door het zelf laten plukken van appels door consumenten. Van Teeffelen trad op als inleider op basis van zijn eigen ervaringen met de Zelfplukboomgaard in Zaltbommel.

 

Streekproductenverkoop in de stad

De potentie van een streekproductenwinkel in de stad was ook een discussiethema. In een column van WTE Support schreef Van Teeffelen al dat uit studies van o.a. WUR blijkt dat de boerderijwinkel naar de stad moet, maar in de praktijk heel veel initiatieven mislukken. Zoals een van de deelnemers verwoordde: “Ik heb meegedaan aan de coöperatie Buutengewuun op Flakkee en die huurde winkelruimte in de Markthal in Rotterdam; vervolgens waren we binnen een paar maanden failliet”. Beleving is voor zowel boerderijwinkels als winkels met streekproducten in de stad, belangrijk. Als boerderijwinkel in een dorp moet je zo veel beleving creëren, dat stadse consumenten wel naar je toe komen. En is streekproducentenwinkel in de stad is het de uitdaging om voldoende beleving te creëren, omdat de consumenten niet op een boerderij komen maar wél het gevoel moeten krijgen dat ze bij de boer kopen.

Dit bericht is geplaatst op donderdag 12 januari 2017 - 12:35