De gemeente Buren mag overkappingen boven een boomgaard toestaan, ondanks bezwaren van omwonenden. De Raad van State heeft de gemeente in het gelijk gesteld in een zaak die was aangespannen door de eigenaar van landgoed Djoerang in Zoelen. De eigenaar van het landgoed, dat grenst aan een fruitaanplant, vindt dat de teeltondersteunende voorzieningen die op het perceel zijn aangebracht de zichtlijnen van en naar de buitenplaats van het landgoed aantasten.
De rechter bleef echter op het standpunt van de gemeente, die stelt dat de niet-permanente teeltondersteunende voorzieningen niet leiden tot een ernstige aantasting van deze zichtlijnen. Tien jaar geleden vond de gemeente de teeltondersteunende voorzieningen niet wenselijk vanwege het omliggende landschap, maar vanwege de ontwikkelingen in de fruitsector heeft de gemeenteraad zijn standpunt herzien. Het standpunt is nu dat bij fruitteelt in open grond tegenwoordig teeltondersteunende maatregelen onmisbaar zijn voor een efficiënte bedrijfsvoering.

Onder teeltondersteunende maatregelen verstaat de gemeente Buren voorzieningen zoals folies, insectengaas, acryldoek, wandelkappen, schaduwhallen en hagelnetten. Deze mogen op dezelfde locatie gebruikt worden zolang de teelt dit vereist met een maximum van zes maanden. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 6 meter, waarbij de steunconstructie niet hoger mag zijn dan 2 meter.

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 27 maart 2018 - 17:09