Op woensdag 16 september organiseerden de NFO en WUR een expertmeeting over de suzuki-fruitvlieg. Sinds deze plaag in Nederland voorkomt, heeft deze veel schade veroorzaakt in alle steen- en kleinfruitgewassen. De schade ontstaat enerzijds door aantasting van het fruit en anderzijds door de forse investeringen in maatregelen en de extra arbeidsinzet die nodig zijn om de plaag onder controle te houden. Door intensieve kennisontwikkeling zijn jaarlijks nieuwe onderzoeksresultaten beschikbaar gekomen en in de sector toegepast. Toch blijft de suzuki-fruitvlieg door het steeds verder afnemende middelenpakket, een grote bedreiging voor telers.

Kennis delen
Jaco van Bruchem (NFO) schetste het lange traject van jaarlijkse vrijstellingen voor Tracer en Exirel naar de huidige reguliere toelatingen. Tegelijkertijd vallen insecticiden zoals Gazelle en Pirimor weg, terwijl deze een plaats hadden gekregen in de bestrijdingsaanpak. Koen Peijenborg van De Groene Vlieg presenteerde de ontwikkeling van de steriele-insectentechniek (SIT) voor de suzuki-fruitvlieg. Internationaal zijn er diverse ontwikkelingen, maar toepassing in de praktijk is nog ver weg. Tibor Bukovinski van Koppert presenteerde de laatste stand van zaken uit hun onderzoek binnen een Fruitvooruit.nl-project naar sluipwespen tegen de suzuki-fruitvlieg. Johan Sonneveld bracht de ervaringen met en de randvoorwaarden voor een succesvolle inzet van de Combi-protec-aanpak onder de aandacht. Herman Helsen sloot de inhoudelijke kennissessie af met diverse nieuwe onderzoeksresultaten, onder meer uit de druiventeelt.

Kennis toepassen
Vervolgens gingen telers, teeltadviseurs en onderzoekers met elkaar in gesprek over de huidige systeemaanpak voor de verschillende fruitsoorten en teelten. Een van de besproken aanknopingspunten was of de goede ervaringen met suzuki-fruitvlieggaas in de zoete-kersenteelt ook toepasbaar zijn in andere teelten. Ook bij de bedrijfsinrichting, hygiënisch werken en de rassenkeuze liggen kansen voor verdere optimalisatie. De kern is dat voorkomen beter is dan bestrijden: de opbouw van de populatie moet worden geremd. Op korte termijn kan dat door de teeltmaatregelen verder te optimaliseren; hopelijk kunnen over enkele jaren ook sluipwespen en SIT worden ingezet.