Internationale samenwerking werpt zijn vruchten af. Dat is de conclusie van de NFO na afloop van het halfjaarlijkse Europese overleg over kleine toepassingen in groenten en fruit. De NFO werkt bij het verkrijgen van nieuwe toelatingen samen met een aantal andere landen. Tijdens dit overleg presenteerden zeven toelatingshouders nieuwe gewasbeschermingsmiddelen die spoedig of de komende jaren op de markt komen. De vertegenwoordigers uit de acht landen brachten tijdens het Europese overleg hun ideeën en wensen in. De toelatingshouders namen de ideeën gedeeltelijk mee. Over hetgeen zij niet meenamen, maar wat ‘de acht’ wel wenselijk vinden, zijn afspraken voor samenwerking gemaakt. Duidelijk werd wel dat toelatingshouders steeds meer bereid zijn toelatingen in kleine teelten zelf mee te nemen of dat zij ruimte bieden aan landen om vroegtijdig aan te haken. Maar dan moet bij de toelatingshouders wel bekend zijn wat de wensen zijn. De NFO onderhoudt dan ook goede contacten met de toelatingshouders om de wensen van de sector onder de aandacht te brengen.

De toelatingen van Paraat in braam en framboos en Steward in steenfruit en bessen zijn voorbeelden van toelatingen op basis van residuonderzoeken uit het buitenland die via de NFO beschikbaar kwamen. Om voor Nederland de benodigde buitenlandse residustudies beschikbaar te krijgen is het nodig dat Nederland blijft investeren in toelatingsonderzoek en dat we bereid zijn dit onderzoek te delen met andere landen.

Drosophila suzukii, de fruitvlieg die in Zuid-Europa forse schade toebrengt in meerdere fruitgewassen en in potentie zich ook in Nederland kan vestigen, was de enige plaag die apart op de agenda stond. In Frankrijk zijn diverse insecticiden getest op hun effectiviteit tegen deze plaag en Duitsland heeft inmiddels toelatingsonderzoeken opgezet. Het Europese overleg besloot dat voor één van de meeste effectieve insecticiden Nederland de coördinatie op zich neemt om voor zoveel mogelijk gewassen in zoveel mogelijk landen een toelating te realiseren.

Het overleg leverde veel nieuwe informatie, contacten en diverse werkafspraken op die moeten leiden tot toelatingen in Nederland en een gelijk speelveld in Europa. Zowel de Nederlandse overheid als de productschappen ondersteunen deze internationale samenwerking en de inzet van de NFO. In Nederland vervult het Expert Centre Speciality Crops hiervoor een stimulerende rol.

Dit bericht is geplaatst op vrijdag 28 september 2012 - 12:30