Het NFO-bestuur heeft besloten om in principe partner te worden van de Proeftuin Randwijk. Het bestuur vindt het belangrijk dat er in Nederland een locatie voor praktijkonderzoek blijft bestaan. Onderdeel van een dergelijke locatie is een fruitteeltproeftuin. Indien de onderzoekslocatie niet meer over een proeftuin beschikt, gaat de NFO ervan uit dat op termijn ook een centrale locatie voor fruitteeltonderzoek in ons land verdwijnt.

Een onderzoekslocatie zonder proeftuin heeft dus op termijn geen bestaansrecht.

De reden waarom de NFO vindt dat er een centrale praktijkonderzoekslocatie moet blijven bestaan, is dat de sector specifieke kennis nodig heeft voor de Nederlandse omstandigheden. Dit kan specifieke kennis op teeltgebied zijn, maar ook op het  hanteerbaar maken van overheidsregelgeving. Als voorbeeld kunnen we hier de emissiereducerende technieken noemen. Daarnaast zien we dat de overheid via de topsectoren momenteel alleen geld voor onderzoek beschikbaar stelt aan erkende Nederlandse kennisinstellingen.

Naast de NFO, PPO en Fruitconsult moeten nog enkele partners toetreden. Ook is de objectiviteit van de proeftuin een basisvoorwaarde. De proeftuin moet zichzelf in belangrijke mate uit de markt financieren. De NFO is bereid tot een financiële bijdrage van 20.000 tot 30.000 euro per jaar. Onder deze condities wil de NFO in eerste instantie voor drie jaar partner worden van Proeftuin Randwijk. De NFO roept ook andere organisaties op om deze stap te zetten en gezamenlijk te werken aan een marktgerichte onderzoekslocatie in Nederland.

Dit bericht is geplaatst op maandag 11 mei 2015 - 10:10