Jaarlijks is er op agrarische bedrijven in Nederland een instroom van 8.000 nieuwe medewerkers en bedrijfsopvolgers. Vanuit de Agrarische Opleidingscentra (AOC’s) wordt dit aantal gediplomeerden bij lange na niet gehaald. Toch zijn goed opgeleide mensen van groot belang voor agrarische bedrijven. Reden voor LTO om samen te werken met de AOC’s aan een versterking van het innovatief vakmanschap.

“De toekomst van de agrarische sector hangt af van goed opgeleide mensen”, stelt Noud Janssen van LTO in de onlangs uitgekomen brochure Focus op innovatief vakmanschap. In de toekomst zal het aandeel hbo’ers in de land- en tuinbouw stijgen, maar vooralsnog zijn de meeste werkenden (gezinsarbeid en vast en vreemde arbeid) in de agrarische sector geschoold op mbo-niveau (70 %). Een kwart heeft Vmbo of Mbo-1 niveau en slechts 5 procent Hbo of hoger.  Daarom is de instroom vanuit de AOC’s voor de agrarische sector erg belangrijk. LTO Nederland werkt daartoe samen met de AOC’s. Zo wordt gekeken op welke gebieden de kwaliteit van de opleidingen omhoog kan, of bepaalde opleidingen verder kunnen specialiseren en hoe er meer samenwerking tussen de scholen en het bedrijfsleven tot stand kan komen. Een mooi voorbeeld hiervan is de samenwerking die er al is tussen de NFO en Edudelta en Helicon in de vorm van de Fruitacademie. Op dit moment zitten er op beide AOC’s binnen de Fruitacademie 75 leerlingen op Mbo-niveau.

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 10 september 2013 - 18:48