De fusie van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Algemene Inspectiedienst en de Plantenziektekundige Dienst levert niet de beoogde besparing op. Deze drie inspectiediensten zouden in één organisatie met € 50 miljoen minder toe kunnen dan als drie zelfstandige organisaties, was in 2007 de gedachte van het kabinet.

In het onderzoekrapport: Toezicht bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit na de fusie, dat de Algemene Rekenkamer vorige week publiceerde, blijkt dat de hoge verwachtingen niet ingelost zijn. De fusie zou de administratieve lasten voor bedrijven die door de drie inspectiediensten werden gecontroleerd moeten terugdringen. Ook moest de overlap in werk en tegenstrijdigheden in regels en handhaving verminderen. Uiteindelijk bleek die overlap aan werkzaamheden, met slechts 13 procent, wel mee te vallen. Daarnaast werden ook de onvoorzienbare risico’s, zoals met ICT, niet goed ingeschat. Al met al oorzaken van het feit dat er minder bezuinigd werd dan gedacht.

De drie te fuseren inspectiediensten werkten in 2007 opgeteld met een budget van € 268 miljoen. Voor 2012 zou het met de beoogde besparing van € 50 miljoen het budget € 218 miljoen moeten zijn (prijspeil 2007). Het werd feitelijk € 290 miljoen (€ 265 miljoen in prijspeil 2007). Het huidige kabinet wil 2018 nog eens 31 miljoen euro bezuinigen, maar de Rekenkamer acht de kans dat dit lukt niet erg groot. Duidelijk is in elk geval dat de Tweede Kamer bij toekomstige fusies de voor- en nadelen vooraf beter moet onderzoeken.

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 26 november 2013 - 19:55