Het kabinet zet in op gerichte financiële steun voor maatschappelijke eisen die niet door de markt kunnen worden vergoed. Dat schrijft landbouwminister Carola Schouten aan de Tweede Kamer. De positie van de boer in de keten staat onder druk. Daarom wil het kabinet de marktpositie van boeren en tuinders middels een pakket aan maatregelen verstevigen.

Ook binnen de hervormingen van het GLB is het versterken van de positie van de boer in de keten een thema. “Een betere onderhandelingspositie zal boeren in staat stellen een hoger inkomen te verwerven. Bovendien moet het GLB samenwerking tussen landbouwers faciliteren, mogelijkheden bieden om risico’s af te dekken en bijdragen aan de crisisbestendigheid van de sector”, aldus Schouten. Ze maakt zich zorgen over het hoge aandeel agrarische huishoudens dat onder de lage-inkomensgrens leeft. Dit hoge aandeel onder de lage-inkomensgrens in 2016 gaat echter gepaard met het hoogste gemiddelde inkomen per huishouden in deze eeuw. Ondanks veel variatie is de algemene trend dat het boereninkomen afneemt ten opzichte van het gemiddelde over alle sectoren. Boeren kunnen tot op zekere hoogte zelf hun veerkracht en positie op de markt verbeteren door ervoor te kiezen om een onderscheidend product te produceren, het aanbod meer te differentiëren, te produceren in een kortere keten of zich in te dekken tegen bepaalde risico’s. Maar niet alle ondernemingsrisico’s zijn altijd goed af te dekken. Daarin ziet Schouten een rol voor de overheid. Ze blijft echter ook kritisch ten aanzien van het landbouwinkomen: “Voor een goede vergelijking van de welvaartspositie van agrarische ondernemers zou overigens ook de vermogenspositie kunnen worden betrokken, die met name van invloed is op de positie na pensionering.”

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 4 september 2018 - 19:28