Het radioprogramma Vroege Vogels maakte 25 oktober melding van een Greenpeace-onderzoek naar het voorkomen van residuen in bodem- en watermonsters in de omgeving van fruitteeltbedrijven. Ook keek Greenpeace naar het voorkomen van residuen op Nederlandse appels en peren.

In een eerste reactie op het rapport constateert de NFO dat Nederlandse appels en peren veilig zijn voor de consument. Op het fruit zijn geen overschrijdingen van residunormen aangetroffen. Dit resultaat staaft het recente en grootschalige onderzoeksresultaat van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Daarbij werden in 160 appel- en perenmonsters van Nederlandse herkomst geen residuoverschrijdingen waargenomen. Uit eerder onderzoek van Greenpeace, waarvan de cijfers in juni zijn gepubliceerd, bleek dat de Nederlandse fruitteeltsector internationaal gezien goed op koers ligt met het terugdringen van gewasbeschermingsmiddelen in de bodem en het oppervlaktewater. Van de twaalf onderzochte Europese landen doet Nederland het vergelijkenderwijs goed.

De NFO werkt in samenwerking met waterschappen en overheid aan het terugdringen van de emissies naar oppervlaktewater. Voorbeelden hiervan zijn het Plan van Aanpak Emissie en het convenant dat de sector afsloot met het Utrechtse Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden. De doelstelling in het convenant om de normoverschrijdingen vanaf 2010 met 80 procent te reduceren is inmiddels gehaald. Vanuit deze achtergrond ziet de NFO de discussie met de overheid naar aanleiding van het rapport met vertrouwen tegemoet. Ook gaat de NFO de discussie met Greenpeace niet uit de weg.

De NFO heeft aangegeven dat fruittelers hard werken aan het verduurzamen van hun productie. Zij zet vraagtekens bij een aantal conclusies in het rapport. Enkele stoffen die volgens Greenpeace verboden zijn, hebben een toelating in de reguliere of biologische fruitteelt. Verscheidene gevonden, niet-toegelaten stoffen hebben al geruime tijd geen toelating meer in de sector, maar kunnen nog wel een nawerking hebben uit het gebruik in het verleden. Van de stoffen die geen toelating hebben in de fruitteelt, maar wel in andere sectoren, zijn de meeste niet effectief in de fruitteeltsector. De NFO gaat ervan uit dat de herkomst van deze stoffen is te herleiden uit regulier gebruik in belendende percelen met andere teelten. Een andere opmerking bij het rapport: volgens de NFO kunnen de waarden van afbraakproducten niet zondermeer bij die van de residuen van gewasbeschermingsmiddelen worden opgeteld. Een verdere analyse van de het rapport is alleen mogelijk als de NFO de beschikking krijgt over de data op basis waarvan het rapport is opgesteld. Het zou Greenpeace sieren als ze deze gegevens ter beschikking stelt. 

Dit bericht is geplaatst op vrijdag 30 oktober 2015 - 15:23