Onder leiding van Delphy en het Louis Bolk Instituut is afgelopen donderdag een groep telers gestart met het project Biodivers Telen. Doel van het project is dat telers leren werken met de BIJenBLOEM-methode om zo hun boomgaard aantrekkelijk te maken voor bijen, zweefvliegen en andere wilde bestuivers. De BIJenBLOEM-methode is opgenomen in de lijst van initiatieven van de Nationale Bijenstrategie, die ook door de NFO is ondertekend.
Om echt iets te betekenen voor nuttige insecten is het nodig om op meerdere niveaus maatregelen te treffen. De BIJenBLOEM en het Spinnenweb voor natuurlijke vijanden bieden hiervoor handvatten. De telers beoordelen aan de hand van verschillende factoren de aantrekkelijkheid van hun bedrijf voor  nuttige insecten. Daarbij kijken ze ook naar de directe omgeving van het bedrijf en de mogelijkheden die daar liggen. Op basis daarvan verbeteren zij hun bedrijf om het geschikter te maken voor nuttige insecten. Kennis over de aanwezige insecten is daarbij nodig om de juiste maatregelen te nemen.
Tijdens de startbijeenkomst op 1 februari 2018 is er met een groep biologische en gangbare fruittelers een plan van aanpak gemaakt. In een mini-workshop kwamen de bottlenecks in bestuiving en de belangrijkste plagen op de verschillende bedrijven aan de orde. Dit jaar vindt een inventarisatie van de aanwezige bestuivers, natuurlijke vijanden en plagen plaats. In het tweede en derde jaar worden experimenten op de bedrijven aangelegd om de bestuiving en natuurlijke plaagbeheersing te verbeteren.

Wilt u op de hoogte blijven van dit project? Meldt u zich dan aan bij Willemijn Cuijpers van het Louis Bolk Instituut.
Het project Biodivers Fruittelen loopt van 2018 tot 2021, wordt uitgevoerd door Delphy en het Louis Bolk Instituut en wordt gefinancierd door de Provincie Limburg met steun van het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO):  Europa investeert in zijn platteland.

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 6 februari 2018 - 20:51