De Wet Arbeidsmarkt in Balans wordt deze week naar de Tweede Kamer verzonden. Afgelopen vrijdag is de wet door de Ministerraad vastgesteld. Het advies van de Raad van State heeft niet geleid tot veel aanpassingen in de conceptwet die dit voorjaar in de inspraak lag.
De WAB is een omvangrijk wetsvoorstel met veel nieuwe regels voor het in dienst nemen en hebben van personeel. In de kern zorgt deze wet ervoor dat tijdelijke arbeid wordt beprijsd en vaste arbeid ‘goedkoper’ wordt. In het wetsvoorstel zitten duidelijke ‘plussen’, maar ook duidelijke ‘minnen’ voor werkgevers. In de agrarische sector gaan zich de grootste effecten voordoen bij werkgevers met veel seizoenarbeid.
De kern van het bezwaar van de NFO is een blijft dat de wet kortdurende arbeid duurder maakt doordat er een transitievergoeding berekend wordt vanaf het eerste uur dat er gewerkt wordt en het vergroten van het verschil in WW-premie tussen de hoge premie voor kortdurend werk en de lage premie voor vaste arbeid. Dit verschil wil de regering vergroten naar 5%.
Zoals bekend hebben LTO Nederland en de NFO vanaf begin dit jaar intensief lobby gevoerd om de WAB aangepast te krijgen om de consequenties voor met name seizoenarbeid verlicht te krijgen. Bij de publicatie van het concept-wetsvoorstel in april hebben wij een stevig standpunt afgegeven: lto.nl.

In september is gesproken met Tweede Kamer-leden van CDA, VVD, D’66, PvdA en GroenLinks. Hierbij zijn onze zorgen geuit, maar ook voorstellen gedaan voor aanpassing. Onze inzet was (en is!) om de pijnlijke punten voor met name seizoenarbeid uit de WAB te krijgen. Minister Koolmees en zijn ambtenaren hebben herhaaldelijk aangegeven dat wij een duidelijk punt hebben en dat zij ook zoeken naar wegen om LTO/NFO tegemoet te komen. Dit zal nu verzilverd moeten worden via de Tweede Kamer.

Hieronder de hoofdpunten van de WAB in het kort

Wet Arbeidsmarkt in balans

 

Eenvoudiger ontslag: Ontslag wordt ook mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden, de zogenaamde cumulatiegrond. Nu moet de werkgever aan een van de acht ontslaggronden volledig voldoen.
De nieuwe negende grond geeft de rechter de mogelijkheid omstandigheden te combineren. De werknemer kan een halve transitievergoeding extra krijgen (bovenop de transitievergoeding), wanneer de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag.
Vanaf dag 1 transitievergoeding: Werknemers krijgen vanaf de eerste dag recht op een transitievergoeding (ontslagvergoeding), ook tijdens de proeftijd.
Lagere transitievergoeding bij lang dienstverband: De opbouw van de transitievergoeding wordt verlaagd bij lange dienstverbanden.
Bedrijfsbeëindiging kleine werkgevers: Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte. Dit wordt verder uitgewerkt in aanvullende regelgeving.
Langere proeftijd vast contract: De proeftijd voor vaste contracten wordt verlengd van twee maanden naar vijf maanden.
Ketenbepaling weer terug naar 3 jaar: De opeenvolging van tijdelijke contracten (de ketenbepaling) wordt verruimd. Nu is het mogelijk om aansluitend drie contracten in twee jaar te aan te gaan. Dit wordt weer drie jaar.
Pauze tussen contracten verkorten per cao: Ook wordt het mogelijk om de pauze tussen een keten tijdelijke contracten per cao te verkorten van zes naar drie maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan.
Uitzondering ketenregeling onderwijs: Daarnaast komt er een uitzondering op de ketenregeling voor invalkrachten in het primair onderwijs die invallen wegens ziekte.
Payroll wordt veel duurder: Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt. De definitie van de uitzendovereenkomst wordt niet gewijzigd.
Oproepkracht hoeft niet altijd beschikbaar te blijven: Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens vier dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van vier dagen kan bij cao worden verkort tot één dag.
Lagere WW-premie afdragen voor vaste werknemers: De ww-premie wordt voor werkgevers voordeliger als ze een werknemer een vaste baan aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de ww-premie afhankelijk van de sector waar een bedrijf actief in is.

 

Dit bericht is geplaatst op dinsdag 6 november 2018 - 17:25