Wijziging aan beleidskader land- en tuinbouw door Provinciale Staten Gelderland

21 april 2026

Provinciale Staten van Gelderland hebben het beleidskader land- en tuinbouw vastgesteld. Ten opzichte van het eerdere voorstel van Gedeputeerde Staten zijn op een aantal punten aanpassingen doorgevoerd. Dat laat zien dat het politieke debat daadwerkelijk invloed heeft op de uitwerking van het beleid.

Het beleidskader vormt de basis voor de verdere uitwerking richting een programma en uiteindelijk regels in de omgevingsverordening.

Belangrijkste lijn
De provincie zet in op een toekomstbestendige land- en tuinbouw, met ontwikkelrichtingen via het zogenoemde ‘trappetje van Remkes’ en met meer sturing op waar welke vormen van landbouw passen. Daarbij spelen zones rond Natura 2000, wateropgaven en grondwaterbescherming een belangrijke rol.

Wat is er gewijzigd door Provinciale Staten
Op enkele inhoudelijke punten hebben Provinciale Staten het voorstel aangepast of aangescherpt:

  • KRW-zones minder direct vastgelegd
    De paragraaf over landbouwontwikkeling langs waterlopen met Kaderrichtlijn Water-opgaven is geschrapt. In plaats daarvan volgt nadere uitwerking in het nog op te stellen programma. Dit haalt directe sturing op deze zones uit het beleidskader en verschuift die naar een volgende fase.
  • Geen expliciete aansturing op spuitvrije zones via gemeenten
    Een passage die zo gelezen kon worden, is geschrapt. Daarmee ontbreekt op dit moment een expliciete provinciale lijn richting gemeenten op dit punt.
  • Nuancering verbod omzetting grasland
    Het eerder voorgestelde verbod is afgezwakt via een amendement. De exacte invulling volgt later.
  • Meer aandacht voor ‘omschakelen’
    In de ontwikkelrichtingen is ‘omschakelen’ explicieter opgenomen naast verbreding.
  • Oproep tot inzicht op locatieniveau
    Provinciale Staten vragen om beter inzicht in de stapeling van beleid op bedrijfsniveau. Dit raakt direct aan de praktijk van telers.
  • Onderzoek naar doelsturing
    Er ligt een motie om te verkennen hoe doelsturing op gebiedsniveau vorm krijgt.

Wat betekent dit voor fruittelers
De hoofdlijn blijft overeind: de provincie stuurt sterker op gebiedsgericht beleid, waarbij niet alles overal mogelijk is. Voor de fruitteelt spelen daarbij met name de volgende onderdelen:

  • Zones rond Natura 2000, water en grondwater blijven bepalend voor ontwikkelruimte
  • Omzetting van grasland en teeltkeuzes blijven onderwerp van beleid, maar met meer nuance
  • Gewasbescherming en waterkwaliteit komen terug in de uitwerking, maar nog zonder concrete maatregelen in dit stadium
  • De feitelijke impact verschuift voor een belangrijk deel naar de uitwerking in het programma

Belangrijke constatering
Provinciale Staten hebben op meerdere punten ingegrepen in het voorstel van Gedeputeerde Staten. Met name rond KRW-zones en mogelijke beperkingen richting gemeenten is het kader minder scherp vastgelegd dan eerder voorgesteld.
Dat biedt ruimte, maar betekent ook dat de ‘echte’ keuzes nog volgen in de volgende fase.

Hoe nu verder
De provincie werkt het beleidskader uit in een programma met concrete maatregelen. Dit gebeurt met participatie vanuit de sector, gemeenten en andere partijen.
Voor telers ligt daar het moment om invloed uit te oefenen op de praktische uitwerking. Juist in die fase worden keuzes gemaakt die direct effect hebben op bedrijfsvoering en ontwikkelruimte.
Uiteraard blijft de NFO dit dossier nadrukkelijk volgen en waar nodig de belangen van de fruitsector inbrengen.