NFO-bestuurslid Cees Bos, laat weten er haast zeker van te zijn dat de perenknoppen ernstig lijden onder de strenge vorst. Hij sluit niet uit dat perentelers hierdoor schade oplopen. In de statistieken van het KNMI waren Lelystad en Marknesse de plaatsen met temperaturen -22 oC het meest koud.

Ook in maart 2005 vroor het hard in de Flevopolder met vorstschade en productieverlies als gevolg. De vorst kwam toen echter veel later. De perenbomen zijn nu in ontwikkeling en mogelijk door de kwakkelwinter tot begin februari niet optimaal afgehard.

Schade aan de kwee-onderstammen van peer is niet uit te sluiten, zeker bij jonge groeikrachtige bomen als ze niet afgedekt waren. Normaal gesproken kunnen fruitbomen deze temperaturen gemakkelijk aan. Het handboek Grondbeginselen van de Fruitteelt geeft aan dat voldoende afgeharde appel- tot -35 tot -40 oC en perenbomen -30 tot -35 oC verdragen. Kwee is als onderstam voor peren gevoeliger voor wintervorst. In de afgelopen weken vroor het in fruitteeltlanden als Polen nog veel harder dan hier. Wel planten veel telers alleen perenbomen op kwee A en kwee Adams en niet op de gevoeligere kwee C.

Dit bericht is geplaatst op vrijdag 17 februari 2012 - 10:30