In 2025 wordt het gemiddelde bruto-inkomen uit bedrijf per onbetaalde arbeidsjaareenheid (aje) voor land- en tuinbouwbedrijven geraamd op € 129.000. Dat is € 11.000 hoger dan het gemiddelde inkomen in 2024 en € 30.000 hoger dan het gemiddelde over de jaren 2020-2024. De verschillen in bedrijfsinkomens zijn groot: 20% van de bedrijven heeft een inkomen van minder dan € 3.000, terwijl ook 20% meer dan € 177.000 per onbetaalde aje verdient. Tussen en ook binnen bedrijfstypen in de land- en tuinbouw zijn de verschillen in inkomens ieder jaar groot, ook in 2025. Dit blijkt uit de jaarlijkse inkomensraming van Wageningen Social & Economic Research.
In 2025 zijn de inkomens van pluimveehouders sterk gestegen. Wereldwijd neemt de vraag naar eieren toe en is het aanbod krap, doordat veel landen kampen met vogelgriep. Dit resulteert in hogere eierprijzen. Door hogere melk- en veeprijzen stijgen de inkomens voor melkveehouders naar een voor de sector hoog niveau. Dit geldt ook voor de biologische melkveehouders.
Telers van bloembollen zien hun inkomen flink stijgen door een combinatie van een betere prijs voor bloembollen bij een groter volume.
Voor de varkenshouders daalt het inkomen voor het tweede jaar op rij na een zeer goed 2023. De inkomens dalen door een verzadigde markt en een minder gunstige exportpositie. De lagere voerprijs compenseert dat niet.
Het inkomen van akkerbouwers van de oogst 2025 neemt af. De prijzen zijn gedaald door goede teeltomstandigheden in Noordwest-Europa en elders in de wereld met hogere kg-opbrengsten van de (meeste) gewassen en licht gestegen kosten.
In de glastuinbouw dalen de inkomens doordat de opbrengsten uit de verkoop van groenten, bloemen en planten minder toenemen dan de hiermee gepaard gaande productiekosten waaronder energie door hogere prijzen.
Lees een uitgebreide toelichting op de landbouwinkomens op agrimatie.nl.


