De provincie Gelderland werkt aan een aangescherpt Beleidskader Land- en tuinbouw. Dit wordt bepalend voor de ruimte om te blijven produceren, investeren en ontwikkelen. Omdat de voorgestelde richting direct raakt aan de fruitteelt, nam de NFO de afgelopen week op meerdere momenten deel aan provinciale bijeenkomsten, om de positie van de sector onder de aandacht te brengen.
Nieuwe aanvullingen op eerder beleid
Tijdens een van de bijeenkomsten presenteerde de provincie aanvullingen op het beleidskader die eerder nog niet in de Omgevingsvisie waren opgenomen. Daarbij wordt sterk gestuurd op gebiedsgerichte keuzes rond Natura 2000-gebieden, grondwaterbeschermingsgebieden en zogenoemde beekdalen. Deze aanduiding lijkt in de uitwerking breder te worden opgevat dan alleen de feitelijke beekdalen en kan ook raken aan andere watergangen die onder de Kaderrichtlijn Water vallen. De exacte begrenzing is nog niet vastgesteld.
Voor de fruitteelt sprong vooral het voornemen in het oog om rondom Natura 2000-gebieden een spuitzone van 50 meter te hanteren. Op welke onderbouwing deze afstand is gebaseerd, werd niet duidelijk itijdens de bijeenkomst. Ook is gesproken over een mogelijke vergunningplicht voor het toepassen van gewasbescherming, maar daarover kon nog geen nadere uitleg worden gegeven.
Beleidsrichting: sturen op functies per gebied
De provincie werkt met ontwikkelrichtingen zoals innoveren, extensiveren, verbreden, verplaatsen of beëindigen van bedrijven, afhankelijk van het gebied. Daarbij ligt de nadruk op extensievere landbouw nabij natuur en water en productie in gebieden met minder beperkingen. Vanuit de fruitteelt is aangegeven dat deze benadering onvoldoende rekening houdt met de natuurlijke geschiktheid van regio’s voor specifieke teelten, zoals de concentratie van fruitteelt in Rivierenland waar bodem en water juist randvoorwaardelijk zijn.
Inbreng van de NFO tijdens inspraakmomenten
NFO-directeur Sander Bos sprak in tijdens de commissievergadering over gewasbescherming. Daarbij lichtte hij onder meer toe dat in de fruitteelt sprake is van langjarige teelten en dat omschakeling naar nieuwe rassen of teeltsystemen tijd vraagt. Deze praktijkrealiteit vraagt om zorgvuldig beleid en realistische termijnen.
Daarnaast sprak Berend Jan van Westreenen, voorzitter van de NFO-afdeling Gelderland, in tijdens de bespreking over de drinkwaterreserveringsgebieden. Hij benadrukte in zijn bijdrage dat langdurige onzekerheid over ruimtelijke reserveringen en gebruiksmogelijkheden direct doorwerkt in investeringsbeslissingen, bedrijfsontwikkeling en opvolging binnen de fruitteelt.
Bij deze twee vergaderingen waren ook Jurgen Huiskamp en Wim Tijssen aanwezig namens het afdelingsbestuur. Verder gaven Wilfred, Anne van Driel, Berend Jan van Westreenen en Alfred namens het afdelingsbestuur acte de présence bij de informatiebijeenkomst van de provincie. Dit om de sectorpositie te ondersteunen en signalen uit de praktijk onder de aandacht te brengen.
Planning en vervolg
De provincie werkt toe naar vaststelling van het aangepaste beleidskader door Gedeputeerde Staten, waarna behandeling in Provinciale Staten volgt. Daarna loopt de verdere uitwerking door via onder meer de Omgevingsvisie, het strokenbeleid en andere gebiedsprocessen. Ook dossiers zoals drinkwaterreserveringsgebieden blijven parallel aan dit traject spelen.
Dit betekent dat het traject nog enige tijd doorloopt en zich nu in de fase van uitwerking en politieke afweging bevindt.
NFO blijft betrokken
Het afdelingsbestuur van Gelderland blijft dit proces actief volgen en zal op relevante momenten opnieuw de praktijk van fruittelers inbrengen. Zodra duidelijk wordt wat de uitwerking concreet betekent voor bedrijven worden leden daar vanzelfsprekend over geïnformeerd. Bij vragen of signalen uit de omgeving kunnen telers uiteraard altijd contact opnemen met een van de bestuursleden van de afdeling Gelderland en/of de NFO.





