Nederlandse en Vlaamse teelt- en technologiepartners werkten de afgelopen drie seizoenen – binnen het Interreg-project ADaM & PreciLa – aan de (door)ontwikkeling en optimalisatie van precisietechnieken voor de fruitteelt. Afgelopen maandag vond het slotevent van het project plaats bij Munckhof Fruit Tech Innovators in Horst. René Bal van projectpartner Delphy kijkt met een goed gevoel terug op het project. “We hebben mooie stappen voorwaarts gezet en concrete resultaten kunnen boeken voor de sector.”
Veel partijen sloegen de handen ineen binnen het Interreg-project, dat zich richtte op de (door)ontwikkeling van precisietechnieken om te komen tot een duurzamere en efficiëntere productie in de akkerbouw en de fruitteelt. Vanuit de fruitteelt waren Delphy en pcfruit aangesloten als teelttechnische partners, daarnaast waren Munckhof, ILVO, VITO Remote Sensing en Imo-imomec (UHasselt) betrokken als technologiepartners. Het project werd gefinancierd met Europese gelden, bijdragen van de landelijke overheden en van diverse Vlaamse en Nederlandse provincies.
Meerdere technieken werden (door)ontwikkeld en gevalideerd binnen het project, geeft René Bal aan. Hij was vanuit Delphy betrokken bij het project. “Eén deelproject richtte zich op de doorontwikkeling, implementatie en validatie van variabele wortelsnoei. De focus lag hierbij op Vlaanderen, omdat men daar nog minder ver was met de praktijktoepassing van deze techniek dan de Nederlandse telers.”
De uitgevoerde proeven leverden volgens Bal onderbouwing voor de teelttechnische en economische meerwaarde van variabele groeibeheersing. “We hebben met de proeven rondom groeibeheersing (opnieuw) kunnen aantonen dat de variatie op het perceel vermindert en de verandering van de groei-productiebalans effectief bijdraagt aan een betere productie en economisch resultaat. We kunnen ook stellen dat deze techniek inmiddels praktisch goed werkt en ook al volop wordt toegepast in de praktijk.”
Daarnaast werd de Vision Spray techniek van Munckhof – die gebruikmaakt van de LiDAR-technologie – binnen het project ontwikkeld en gevalideerd. Met deze techniek wordt alleen gespoten op plekken waar blad aanwezig is, niet in open ruimtes. Eerder dit jaar werd al bekend dat hiermee in een volwassen aanplant gemiddeld over het hele seizoen 10 tot 19 procent kan worden bespaard op middelen. “We hebben deze techniek ook in de praktijk beproefd”, zegt Bal. “In het begin was de betreffende teler heel sceptisch. En er waren aanvankelijk ook wat kinderziekten; zo was het in het begin lastig om bijvoorbeeld staaldraden te onderscheiden van takken. Maar door steeds verder te finetunen, werkt de techniek nu naar behoren. De praktijk kan ermee aan de slag.”
Ook werd de Pluk-O-Trak met M-Connect Oogstregistratie voor de realtime registratie van de oogst onder de loep genomen. “We hebben gekeken wat het apparaat nu eigenlijk ziet, hoe betrouwbaar dit is. De maat van het fruit wordt goed in kaart gebracht, de kleur is nog een uitdaging. Als een appel met de groenere kant naar boven ligt terwijl de onderkant roder is, wordt hij geclassificeerd als een groene appel. Op dit vlak is dus nog winst te boeken.”
Verder werd geëxperimenteerd met het voeden van het model QMS Water met data van bodemvochtsensoren en uit klimaatmodellen, om zo de irrigatiecomputer volledig geautomatiseerd aan te sturen. “Er waren wat kinderziekten, maar inmiddels werkt dit goed. We gaan deze aanpak nu doorontwikkelen binnen het project HydroSoilWise op FRC Randwijk.”
Bal is positief over de geboekte resultaten binnen het Interreg-project. “In het begin was ik sceptisch en vroeg ik me af welke richting het uit zou gaan. Maar we hebben flinke stappen voorwaarts gezet en precisietechnieken dichter naar de dagelijkse fruitteeltpraktijk kunnen brengen.”

Foto: pcfruit
Hoofdfoto: Sarah Kemp, Delphy

